Bachelor-masterstructuur
In 1999 besloten Europese ministers dat de bachelor-masterstructuur in alle opleidingen van het hoger onderwijs doorgevoerd zou worden. Met deze invoering zijn opleidingen beter met elkaar te vergelijken en is het hoger onderwijs opener en flexibeler. De structuur houdt in dat opleidingen bestaan uit een driejarige bacheloropleiding en een één of tweejarige masteropleiding. Het nieuwe systeem is in het studiejaar 2002/2003 ingevoerd in Nederland.
Verschil bachelor en master
Een bacheloropleiding is een afgeronde opleiding; na drie jaar behaal je het bachelordiploma. In het eerste jaar staat jouw academische vorming centraal en maak je kennis met de verschillende aspecten van jouw vakgebied. In het tweede en derde jaar ga je dieper op het gebied in.
Een volledige academische opleiding bestaat uit een bacheloropleiding en een masteropleiding. Een één- of tweejarige master kan je volgen na het behalen van je bachelordiploma.
Titels
De oude titels doctorandus, meester en ingenieur blijven naast de nieuwe titels, bachelor en master, bestaan. In Nederland wordt bachelor een nieuwe titel. De mastertitel is gelijk aan de doctorandus-, meester- en ingenieurstitel.
Voordelen
Na de bacheloropleiding kun je kiezen uit meerdere masters en die keuze hoef je pas aan het eind van de bachelorfase te maken.
Door het invoeren van het nieuwe systeem sluit het Nederlandse onderwijssysteem naadloos aan bij buitenlandse opleidingen. De bachelor- en mastertitels zijn internationaal erkend en dus duidelijker dan de oude Nederlandse titels. Je kunt een master volgen aan je eigen universiteit, maar ook aan een andere instelling in Nederland of in het buitenland. Vandaar dat er steeds meer masters in het Engels worden aangeboden. Aan de VU zijn momenteel enkele Engelstalige masters.
Flexibiliteit voor studenten is een ander voordeel. Een bachelorniveau kan voldoende zijn voor het werk dat je wilt gaan doen. Of je kunt na het behalen van je bachelordiploma eerst een tijdje werken of reizen om daarna je opleiding te vervolgen met een master.
Het nieuwe ECTS studiepuntensysteem
Het oude systeem van 42 studiepunten per studiejaar is vervangen door het internationaal gestandaardiseerd studiepuntensysteem (ECTS). Een studiejaar bestaat nu uit 60 ECTS studiepunten. Dit houdt 1680 studie uren in.
Na het hbo
Als je een hbo-diploma hebt en je wilt doorstuderen aan de Faculteit der Sociaal-Culturele Wetenschappen, moet je in juni een assessment afleggen. Je wordt dan getest op het gebied van wiskunde, Engels, cognitieve vaardigheden, je motivatie en leerstijl.
Het slagen voor deze toets is een voorwaarde voor toelating tot een masteropleiding van de Faculteit der Sociale Wetenschappen!
Een aantal andere faculteiten zal in september een assessment afnemen. De uitslag hiervan speelt dan geen rol bij de toelating, maar vormt wel een start van het studieloopbaanbegeleidingstraject.
Met behulp van het assessment kun je je enerzijds een beter beeld vormen van de vaardigheden en competenties die gevraagd worden in het wetenschappelijk onderwijs en krijg je anderzijds een reëel inzicht in je eigen capaciteiten.
De opleiding kan met behulp van het assessment inzicht krijgen in gebieden waar wellicht extra inzet of bijscholing nodig is.
Jaarkalender
Tegelijk met de invoering van de bachelor-masterstructuur heeft de VU ook een uniforme jaarkalender ingevoerd. Het doel hiervan is om het gemakkelijker te maken voor studenten om vakken bij een andere opleiding te volgen. De kalender wordt door de meeste faculteiten per jaar ingevoerd. Voor de precieze roosters voor jouw studiejaar kun je bij de site van de faculteit terecht.
Inlichtingen
Voor meer informatie kun je bellen met Onderwijscommunicatie VU, telnr. (020) 598 5000.
