Criminologie
De bacheloropleiding Criminologie duurt 3 jaar. In die tijd volg je juridische vakken, maar ook vakken in sociologie en psychologie. Je bestudeert bijvoorbeeld de oorzaken van menselijk gedrag en invloed van de omgeving waarin mensen zijn opgegroeid. Daarnaast krijg je criminologische vakken over de aard en omvang van criminaliteit, de oorzaken van crimineel gedrag en criminaliteitsbestrijding. Ook bijzondere vormen van criminaliteit, zoals grensoverschrijdende wapenhandel en mensensmokkel, krijgen aandacht. Je volgt onderwijs in hoorcolleges en werkgroepen en gebruikt de digitale leeromgeving Blackboard.
Wat leer je?
Je leert onder andere over:
- staatsrecht, bestuursrecht en strafrecht;
- sociologie, psychologie en forensische psychiatrie;
- criminologische onderzoeksmethoden en technieken.
Belangrijke onderwerpen die tijdens de opleiding aan bod komen:
- de strafbaarstelling van gedrag;
- de relatie tussen gedragsproblemen en criminaliteit;
- de spreiding van criminaliteit over sociale groepen en bijzondere vormen van criminaliteit, zoals georganiseerde misdaad en witteboordencriminaliteit.
Het opleidingsprogramma in een notendop
De bacheloropleiding Criminologie duurt drie jaar. Elk studiejaar bestaat uit twee semesters en de semesters zijn weer opgedeeld in periodes. Tentamens vinden plaats direct na afloop van een vak. In de eerste twee jaar zijn de tentamens meestal schriftelijk. Sommige vakken sluit je af met een werkstuk of presentatie.
Je volgt onderwijs in hoorcolleges en werkgroepen en je gebruikt de digitale leeromgeving Blackboard. Een college en een werkgroep duren tweemaal drie kwartier met een pauze van ongeveer een kwartier.
Opbouw van de opleiding en vakinformatie
Eerste bachelorjaar: oriëntatie en selectie
- Het eerste jaar geeft een beeld van de opleiding en van de vragen waarmee je als criminoloog kunt worden geconfronteerd.
- Je volgt veel werkgroeponderwijs. Je gaat dus direct actief aan de slag met de studiestof en werkt aan concrete opdrachten.
- Behalve een oriënterende functie heeft het eerste jaar ook een selecterende functie: de faculteit kent een bindend studieadvies. Dit betekent dat je minimaal 42 van de 60 studiepunten uit het eerste jaar moet halen om de opleiding te mogen vervolgen. Daarnaast moet je binnen twee jaar het eerste jaar volledig hebben afgerond.
- Alle VU-studenten leggen aan het begin van hun opleiding een taaltoets af, omdat taalbeheersing voor een academische studie onontbeerlijk is. Mocht uit de test blijken dat je taalproblemen hebt, dan helpt de universiteit je om die weg te werken door middel van een bijspijkercursus Nederlands. Zo krijg je de gelegenheid je taalvaardigheid te verbeteren. Deze cursus is overigens verplicht bij een onvoldoende resultaat voor de toets.
- Naast een taaltoets krijg je aan het begin van het eerste jaar ook een wiskundetoets. Hiervoor is geen voorbereiding nodig, maar je kunt hiermee wel bepalen of je wiskundekennis voldoende is om de opleiding zonder problemen te voltooien (denk bijvoorbeeld aan een vak als Statistiek). Na de toets worden er door de VU remediërende colleges aangeboden, waarin de verschillende onderwerpen uit de toets worden behandeld. Deze colleges zijn niet verplicht, maar wel aan te raden als je een onvoldoende resultaat hebt voor de toets.
Het tweede jaar: verschillende benaderingen uitdiepen
- In het tweede jaar van de opleiding ga je je verder verdiepen. Je bouwt kennis op over daders, slachtoffers en criminologische benaderingen.
- Je krijgt criminologievakken die een bepaalde benadering van de criminologie uitdiepen. Voorbeelden zijn: Theoretische criminologie en Historische criminologie. In vakken zoals Materieel strafrecht verdiep je je in de juridische en sociaal-wetenschappelijke benadering.
- Daarnaast krijg je vakken als Methoden en technieken om je (onderzoeks)vaardigheden te verbeteren.
- Excellente studenten kunnen deelnemen aan het VU Honours Programme. Je volgt dan een extra programma van 30 studiepunten.
Het derde jaar: kernjaar
- In het eerste semester van het derde bachelorjaar volg je een minor van 30 studiepunten. Je kunt de minor Forensische wetenschappen volgen die door de faculteit wordt aangeboden, maar je mag ook een minor aan een andere faculteit of universiteit volgen, of de periode gebruiken om op uitwisseling naar het buitenland te gaan.
- In het tweede semester volg je drie vakken waarin verschillende belangrijke aspecten van criminaliteit centraal staan: Formeel strafrecht, Transnational organized crime en Methoden en technieken van kwalitatief criminologisch onderzoek.
- Ook voer je aan het eind van dit jaar in een groepje een groot onderzoek uit naar een criminaliteitsprobleem. Dit onderzoek presenteer je voor de rest van de studenten. Dit onderzoek vormt een belangrijke training in onderzoeksvaardigheden.

