Heb je in het dagelijks werk te maken met toetsen en beoordelen? Hier vind je snel de informatie die voor jouw rol relevant is.
Definitie toetsen
Het is gebruikelijk om onderscheid te maken tussen formatieve en summatieve toetsing. Aan de VU doen we dat als volgt:
- Summatieve beoordelingsmomenten zijn gericht op het vaststellen of de leerdoelen zijn bereikt en voortgangsbeslissingen.
- De formatieve dialoog is een essentieel onderdeel van het leerproces en richt zich op het beantwoorden van drie formatieve vragen: de vraag waar de student naartoe werkt (feedup), waar de student nu staat (feedback) en hoe de student naar de gewenste situatie toe kan groeien (feedforward).[1]
Wanneer het leerproces en de summatieve toetsing goed met elkaar in balans zijn, vullen de formatieve dialoog en de summatieve beoordelingsmomenten elkaar aan.
Documenten kwaliteitszorg
Belangrijke documenten in de kwaliteitszorg van toetsing zijn: I) het toetsbeleid van de faculteit; II) het toetsplan van de opleiding; III) de toetsmatrijs, als onderdeel van IV) het toetsdossier van de cursus. Andere belangrijke documenten betreffende toetsing zijn: V) de Onderwijs- en Examenregeling (OER) en VI) de Regels en Richtlijnen (R&R) van de examencommissie.
Rollen en taken
In hoofdstuk 6 van het VU Toetskader is op instellingsniveau, facultair niveau, opleidingsniveau en niveau studieonderdeel uiteengezet bij wie welke verantwoordelijkheden in het toetsproces zijn belegd. Daarin wordt ook duidelijk wie verantwoordelijk is voor het opstellen dan wel naleven van de documenten uit de alinea hierboven.
[1] Dominique Sluijsmans en Mien Segers, ‘Wat is nodig voor een toetsrevolutie in het hoger onderwijs? Vijf kernboodschappen voor de praktijk’, in: Dominique Sluijsmans en Mien Segers (red.), Toetsrevolutie: Naar een feedbackcultuur in het hoger onderwijs (Culemborg, Uitgeverij Phronese, 2018) 216-232: 222.