‘Grensdoden’ te wijten aan streng Europees toelatingsbeleid

Meer dan drie decennia lang sterven er in Europa talloze mensen die op zoek gaan naar een betere toekomst. Noodlottige schipbreuken leiden tot felle discussies in de politiek en grote afschuw in de maatschappij. Is deze ramp de schuld van meedogenloze mensensmokkelaars of het gevolg van een streng Europees toelatingsbeleid? Tamara Last concludeert in haar promotieonderzoek het laatste.

18-10-2018 | 11:33

Last bezocht voor haar onderzoek  de burgerlijke stand van in totaal 563 gemeentes van vijf Zuidelijke EU-staten  en verzamelde informatie uit alle overlijdensaktes van de officieel geregistreerde ‘grensdoden’. Deze grensdoden betroffen migranten uit landen als Soedan, Eritrea of Syrië die via de Middellandse Zee en de Atlantische Oceaan Europa probeerden te bereiken maar daarbij om het leven kwamen. De bevindingen van Last zijn verontrustend. Zo bleken veel overlijdensaktes weinig informatie te bevatten omdat de veelal overbelaste diensten weinig hebben ondernomen om de overledenen te identificeren. Verder concludeert Last dat gegevens over grensdoden vooral gebaseerd worden op weinig betrouwbare berichten in de media, en daardoor vaak een vertekend beeld geven van de realiteit.

Zorgwekkend vindt Last, want beleid wordt voornamelijk gebaseerd op deze informatie. Last en haar collega-onderzoekers zijn het er dan ook over eens dat de Europese Unie haar migratie agenda te veel laat bepalen door aannames, wat hen betreft verkeerde aannames.  Niet de meedogenloze mensensmokkelaars en een slechte bewaking van de grenzen zijn verantwoordelijk voor het aantal ‘grensdoden’, maar het selectieve en beperkte toelatingsbeleid zorgt ervoor dat mensen grotere risico’s nemen om Europa te bereiken, met alle desastreuze gevolgen van dien.

Last hoopt met haar empirische onderzoek een belangrijke bijdrage te leveren aan het huidige vluchtelingendebat. Zij promoveert 23 oktober aan de VU