Masterbeleid

Het masteronderwijs van de VU is sterk verbonden met het onderzoek. Ook studenten die geen wetenschappelijke loopbaan nastreven, dienen goed te begrijpen wat wetenschappelijk onderzoek is en wat de mogelijkheden en beperkingen daarvan zijn. Alle masterstudenten voeren daarom een eigen onderzoeksproject uit in de vorm van een masterthesis of een wetenschappelijke stage. De nauwe band tussen onderzoek en onderwijs houdt ook in dat de VU geen masteronderwijs aanbiedt op terreinen waarop geen internationaal zichtbaar onderzoek plaatsvindt.

De meeste masteropleidingen leiden op voor de academische beroepspraktijk. Daarnaast biedt de VU gekwalificeerde studenten de mogelijkheid zich via een research master voor te bereiden op een academische loopbaan.

Net als bij het bacheloronderwijs zijn de regels waaraan masteropleidingen dienen te voldoen vastgelegd in een richtlijn. Bij de VU geldt de harde knip; het bezit van een relevant bachelordiploma is een vereiste om toe te worden gelaten tot een masteropleiding. Daarnaast heeft de VU gekozen voor een cohortbenadering, waarin studenten de opleiding niet alleen gezamenlijk starten, maar ook samen afronden. Daarom is er, gemotiveerde uitzonderingen daargelaten, geen tweede instroommoment gedurende het academisch jaar. Hierdoor wordt de studiediscipline bevorderd. In het masteronderwijs is nominaal studeren de norm.

Naast het bachelordiploma kunnen (selectieve) masteropleidingen aanvullende toegangseisen stellen. Deze eisen kunnen betrekking hebben op motivatie, talent, kennis, vaardigheden, academisch niveau en taalbeheersing. Om de gewenste internationale instroom te bereiken en de VU aantrekkelijk te maken voor internationale wetenschappelijke staf, wordt een groot aantal masteropleidingen in het Engels aangeboden. Bewezen Engelse taalvaardigheid is daarom een vereiste voor zowel studenten als uiteraard ook docenten.

De relatie tussen de VU en de student stopt niet bij het behalen van een titel. De VU wil een actieve band houden met al haar afgestudeerden en de band tussen de alumni onderling stimuleren. Een van de manieren waarop dat gebeurt is via Maatschappelijke Profilering. Maatschappelijke Profilering is het ideële netwerk en het maatschappelijk gezicht van de VU. Het is een community waarin alumni, studenten en andere maatschappelijk geïnteresseerden worden uitgenodigd te discussiëren over maatschappelijke vraagstukken die een relatie hebben met hun studie en de beroepspraktijk. Alle opleidingen hebben daarnaast een werkveldadviesraad, of zijn bezig die in te richten. Via de werkveldadviesraad houdt een opleiding contact met het werkveld waarvoor de opleiding opleidt en wordt bewaakt of de eindtermen van de opleiding nog in voldoende mate aansluiten op de behoefte van het afnemend werkveld.