Bedrijfsvoering en huisvesting

Duurzaamheid is een verdergaand, integraal onderdeel van de VU strategie. Dat krijgt uitwerking in het onderwijs en onderzoek (het primaire proces) en in de ondersteunende, dienstverlenende processen. Voor onderwijs en onderzoek is Science for Sustaiblity (S4S) ingericht en in 2019 is het Amsterdam Sustainability Institute van start gegaan, met ambities om onderzoek verdergaand te verduurzamen.

Met betrekking tot bedrijfsvoering en huisvesting wordt al meerdere jaren gewerkt aan verduurzaming. In het programma ‘Sustainble Campus 2020-2025’ zijn 57 projecten opgenomen, gesorteerd naar hun bijdrage aan de Sustainable Development Goals (SDG’s).

De VU wil op systematische wijze haar milieubelasting beheersen en continu verminderen en daar transparant over zijn. Wij stellen hoge eisen op het gebied van duurzaamheid aan: energie en CO2, vervoer en mobiliteit, (afval)water en afval(stoffen), inkoop en social return, eten en drinken.

BREEAM
De komende decennia wordt een aantal verouderde gebouwen gesloopt om plaats te maken voor nieuwbouw en een deel van de verouderde gebouwen wordt gerenoveerd. Wij stellen hoge duurzaamheidseisen aan huisvesting en maken zowel bij renovatie, nieuwbouw als sloop gebruik van de BREEAM methodiek van het Dutch Green Building Council. Ook bij het reguliere gebouwonderhoud is duurzaamheid een belangrijk criterium. De haalbaarheid van de investeringen wordt beoordeeld op basis van de integrale huisvestingslasten, de zogenaamde Total Cost of Ownership (TCO). TCO maakt investeringen met een langere (technische/-economische) levensduur en lagere exploitatielasten mogelijk en bevoordeeld de duurzame alternatieven.


Visie en Milieubarometer
De VU wil op systematische wijze haar milieubelasting beheersen en continu verminderen en daar transparant over zijn. Daarom rapporteert de VU in haar jaarverslagen, grotendeels vanaf 2010, over de ontwikkeling van de milieuprestatie op de thema’s: energie en CO2, vervoer en mobiliteit, (afval)water en afval(stoffen) inkoop en social return, en voedsel, duurzame catering en fair trade. Alle verbruiksgetallen, prestatie-indicatoren en omrekeningen naar footprints worden ook opgenomen in het milieubarometerrapport. Juist om ontwikkelingen zichtbaar te maken, zijn ook de gegevens van de afgelopen vier jaar onderdeel van het Milieubarometerrapport Vrije Universiteit.

Energie en CO2
VU werkt samen met VUmc om in 2035 fossielvrij, dat is 100% aardgasvrij in combinatie met 100% duurzaam opgewekte elektriciteit, te zijn. Op het gebied van energievoorziening werkt de VU aan het verminderen van de energievraag, het optimaliseren van de efficiëntie en aan het verduurzamen van de opwekking. De ambitie is om elk jaar minimaal 2% energie-efficiency te bereiken, zoals afgesproken in de MeerJaren afspraak Energie-efficiency. Daarnaast is de ambitie om 100% van de ingekochte elektriciteit wordt vergroend met een mix van in Nederland en in Europa opgewekte windenergie, met als ambitie in 2035 100% van de ingekochte elektriciteit vergroend met in Nederland opgewekte windenergie.

VU en Amsterdam UMC - locatie VUmc hebben in 2017 het Energie Masterplan 2035 vastgesteld. Hierin is de langeternijnvisie én transitie van de energiehuishouding naar een duurzame VU Campus beschreven. Met de uitvoering is reeds begonnen en volgens planning zal de VU campus 1 januari 2021 ca. 45% minder gas verbruiken. Hiermee is de VU ambitieus en loopt de VU voor op het klimaatakkoord van Parijs en ambities van Nederland en de gemeente Amsterdam. De ambitie van de VU is om binnen tien jaar op het gebied van duurzame, betaalbare en betrouwbare energie in de top-3 te staan van universiteiten en universitair medische centra in Nederland. 5 jaarlijks wordt de voortgang van het Energiemaster Plan gemonitord en ge-update.

Vervoer en mobiliteit
In de afgelopen jaren heeft de VU met succes maatregelen genomen om het woon-werkverkeer en zaken- of dienstenverkeer te vergroenen. Het woon-werkverkeer met de auto is sterk gedaald. Door het ondergronds brengen van (fiets)parkeren verbetert de kwaliteit van de openbare ruimte en ontstaat meer ruimte voor groen op de campus.

Visie afval
Het is onze ambitie om de hoeveelheid afval op de VU te verminderen (preventie), afvalstromen (beter) te scheiden en de bewustwording onder studenten en medewerkers te vergroten. De VU draagt zo bij aan een circulaire economie. De inzameling van afval is eenvoudig, gebruiksvriendelijk en past in het ‘straatbeeld’ van de VU. De afvoer en verwerking van afval is uitbesteed aan een erkende afvalleverancier. Afval wordt op een veilige en duurzame manier opgeslagen en afgevoerd. Afval wordt zo milieuvriendelijk mogelijk verwerkt. Dit alles doen we op een efficiënte en effectieve manier, waarbij we samenwerken met onze partners. Onze communicatie hierover is helder en transparant. Het beleid van de VU is gericht op zes speerpunten.

Waterverbruik
De VU heeft al verschillende maatregelen getroffen op het gebied van waterverbruik reductie en zal deze in de toekomst verder uitbreiden. Het waterverbruik in 2019 is ongeveer 5% afgenomen per student/medewerker ten opzichte van 2018. Wij stimuleren het drinken van kraanwater door join the pipe tappunten op het campusplein en in verschillende gebouwen van de VU. Vanaf 2018 worden geen PET-waterflessen meer verkocht worden op de campus. 

Inkoop en social return
De VU koopt duurzaam in. Bij de inkoop van goederen en diensten wordt altijd een afweging gemaakt tussen economische, mensgerelateerde en milieuaspecten. Bij aanbestedingen wegen effecten op milieu en sociale aspecten standaard mee conform de richtlijnen van PIANOo, het expertisecentrum aanbesteden van het ministerie van Economische Zaken en Klimaat. Bij onze inkoop volgen wij de actuele productgroepen uit 2019. Bij de VU zijn de minimumeisen slechts de ondergrens. Bij relevante aanbestedingen, zoals catering en vending, worden studenten en medewerkers betrokken bij het opstellen van de aanbestedingseisen en de gunning.

Visie Eten en drinken
Eten en drinken verbindt, brengt mensen bij elkaar. De VU wil een aantrekkelijk aanbod bieden, dat voorziet in de behoeften van huidige en toekomstige studenten, medewerkers en bezoekers van de VU campus. Het aanbod is divers, biedt volop keuzemogelijkheden en bevindt zich verspreid over de campus. Dit draagt bij aan de ontwikkeling van een levendige en gastvrije VU Campus, met een hoge verblijfs-kwaliteit en aantrekkingskracht. Duurzaamheid en gezondheid staan hoog in het vaandel. Speerpunten op het gebied van duurzaamheid zijn:

  • PET-vrije campus: er is een verbod op de verkoop van single use plastic waterflesjes. De volgende stap naar een PET-vrije universiteit is een gehele PET-vrije campus (ook frisdrankflesjes).
  • We bieden herbruikbare waterflesjes aan en overal op de campus zijn Join the Pipe waterpunten. Verder biedt de cateraar glaswerk of bekers aan, die na gebruik geretourneerd kunnen worden.
  • Vegetarisch aanbod: de cateraar biedt voldoende vegetarisch aanbod waaronder Meatless Monday.
  • Disposables worden alleen gebruikt als dit noodzakelijk is en de gebruikte disposables zijn duurzaam, denk aan biobased disposables of producten die gemaakt zijn van gerecyclede of duurzaam beheerde niet-gerecyclede vezels.
  • De cateraar overlegt regelmatig met Green Office VU om verbetermogelijkheden en ambities te bespreken en uit te voeren.
  • Terugdringen van verpakkingen: er wordt gekozen voor servies dat meerdere malen gebruikt wordt of, in geval dat dit niet mogelijk is, voor een verpakking met een relatief lage milieubelasting (bijvoorbeeld papier, karton, kunststof of hout).
  • Terugdringen van voedselverspilling. 
  • Gebruik van duurzame producten zoals lokale of seizoensgebonden producten en producten met een milieu- of duurzaamheidskeurmerk.
Visie cateraar Eurest - Compass Group
Eurest is onderdeel van de Compass Group en is sinds 2018 de cateraar binnen de VU. De visie van Eurest is gebaseerd op drie pijlers: De rode draad voor Eurest op de VU is duurzaamheid. Lees hier meer over in het Eurest Foodmagazine.

Eurest heeft iedere maand een initiatief om als cateraar van de Vrije Universiteit impact te maken voor een betere wereld. Per maand staat er een thema centraal, waarover verschillende feiten, tips en weetjes worden gedeeld. De thema’s zijn:
  • Food waste: per jaar zijn er vier verschillende foodformules met samenwerking van (lokale) ondernemers. 'Verspilling is Verrukkelijk' is bijvoorbeeld een platform van ondernemers met oplossingen voor voedselverspilling. Zij maken maaltijden gemaakt van voedsel dat anders zou worden weggegooid, vergist of verwerkt tot diervoeder. En Eurest is deelnemer vanToo Good To Go waarbij leftovers een tweede leven krijgen. Door deze overschotten aan te bieden wordt voedselverspilling op de VU verder gereduceerd.
  • Plastic: Eurest heeft een eigen Klikk bestek van milieuvriendelijk en voedselveilig materiaal; 100% recyclebaar en BPA-melamine vrij (BPA-melamine is de chemische samenstelling die onder meer gebruikt wordt in het maken van kunststoffen zoals plastic). Eurest biedt 10% korting op warme dranken in de horeca outlets als mensen hun eigen beker meenemen
  • Vega(n) eten: Minder vlees aanbieden is één van de prioriteiten. Eurest doet mee met de ‘Week Zonder Vlees’. Het aantal veganistische alternatieven is verhoogd en de maaltijden bevatten minimaal 30% groenten en de saladebar is volledig vleesvrij.

De VU Campus wordt stapsgewijs vernieuwd. Deze vernieuwing van de campus, deels door vervanging, deels door renovatie, is noodzakelijk omdat een aantal gebouwen functioneel en technisch verouderd is. Bij deze verbeteringen stellen wij hoge duurzaamheideisen

BREEAM
Zowel bij renovatie, nieuwbouw als sloop wordt gebruik van de BREEAM methodiek van de Dutch Green Building Council om haar ambitie en prestatie inzichtelijk te maken.

Nieuwbouw
Nieuwe gebouwen worden voor zover mogelijk ontworpen en gecertificeerd volgens BREEAM Nieuwbouw op het niveau Excellent. Het Nieuwe Universiteitsgebouw heeft voor het ontwerp het BREAAM-certificaat Excellent behaald. Het Onderzoeksgebouw VU (Schoolwerktuinen) is in ontwerp en we hopen dat we daarmee weer BREEAM halen. Het W&N-gebouw wordt zo duurzaam mogelijk gesloopt. Beide projecten zijn in 2017 aangemeld bij de DGBC, de instantie die het BREEAM certificaat verstrekt. Het Onderzoeksgebouw VU wordt een Laboratorium-gebouw dat niet binnen de scope van de standaard beoordelingsrichtlijn valt. De VU heeft samen met de DGBC een maatwerktraject opgestart om tot een 'BREEAM bespoken' beoordelingsrichtlijn te komen.

Bestaande bouw
Bestaande gebouwen worden de komende jaren getoetst aan BREEAM In Use. Het Opleidingsinstituut Zorg en Welzijn (OZW) is het eerste bestaande gebouw dat getoetst is aan BREEAM en heeft niveau very good voor zowel Asset als Beheer en Energielabel B. Het Initium gebouw, met Energielabel A, behaalde als eerste onderwijsgebouw in Nederland het duurzaamheidscertificaat in BREEAM NL In-Use voor Hoger Onderwijs. Dit gebouw heeft scores Excellent voor Asset, Good voor beheer en Very Good in de categorie Gebruik. Het kantorendeel van het ACTA gebouw is getoetst op Asset niveau Very Good. Het Hoofdgebouw, een pand van bijna 100.000 m2 met kantoren, onderwijs- en andere voorzieningen, is gecertificeerd met de scores Good in de categorie Beheer en Good in de categorie Asset.

Het is onze ambitie om al het reeds aanwezige vastgoed te certificeren voor BREEAM in Use met een niveau van minimaal Good. Met deze certificering is weer een stap gezet in de ontwikkeling van een duurzame en leefbare campus.

Onderhoud
Gebouwonderhoud is nodig om de waarde voor het primaire proces te behouden of te herstellen. Leeftijd en functie van het gebouw bepalen in hoge mate de onderhoudstrategie. Calamiteiten en storingen uitgezonderd, wordt onderhoud gestructureerd en integraal uitgevoerd waarbij zo veel als mogelijk het natuurlijke moment wordt benut om waarde en kwaliteit aan het gebouw tot aan het gevraagde, duurzame niveau toe te voegen. De haalbaarheid van de investeringen wordt beoordeeld op basis van de integrale huisvestingslasten, de zogenaamde Total Cost of Ownership (TCO). TCO maakt investeringen met een langere (technische/-economische) levensduur en lagere exploitatielasten mogelijk en bevoordeeld de duurzame alternatieven. Sturing op basis van de TCO is in het bijzonder geschikt voor CRE-organisaties zoals de VU met eigendom, onderhoud en gebruik langdurig in één hand.

De transitie van de VU Campus is het afgelopen decennium ingezet met de volgende (vervangende) nieuwbouwprojecten:

  • Gebouw OZW (Onderwijs, Zorg en Welzijn) (2006)
  • Campuscafé (2008)
  • Gebouw ACTA (Academisch Centrum Tandheelkunde Amsterdam) (2010)
  • Gebouw Initium (2011)
  • Westflank VUmc (2013)
  • Hoofdgebouw (2016)
  • Labgebouw OI2 (2016)

In de komende jaren voeren we de volgende projecten uit:

  • Nieuwe Universiteitsgebouw (NU.VU; 2019)
  • Gebouw MF (2019)
  • Imaging Centre VUmc (2019)
  • Research en Diagnostiek / ADORE VUmc (2020)
  • Onderzoeksgebouw VU (2022)
  • Sloop gebouw W&N (eind 2023)

Tot 2030 kunnen verder de volgende ontwikkelingen plaatsvinden op de VU Campus:

  • Nieuwbouw voor allianties en marktpartijen (locatie Schoolwerktuinen)
  • Nieuwbouw wonen op de campus
  • Nieuwbouw op locatie plot C

Op de langere termijn (2030 en verder) begint de uitwerking naar óf doorontwikkeling van het gebruik van de andere bestaande gebouwen (onder andere het Hoofdgebouw van de VU, Transitorium en de polikliniek van VUmc/alliantie UMC) óf vervangende nieuwbouw en aanvullende ontwikkelingen van derden.

Polderdaken
De Zuidas is inmiddels grotendeels 'verhard' door de intensieve bebouwing, waardoor de riolering de afvoer van hemelwater bij heftige regenbuien niet altijd meer aankan. Waterberging op platte daken draagt bij het aan het bufferen van water tijdens deze buien. Op de daken van het Nieuwe Universiteitsgebouw en het Hoofdgebouw zijn polderdaken aangelegd om het water te bufferen en wateroverlast te verminderen.

De klimaatdoelstellingen van Parijs zijn duidelijk: de opwarming van de wereldwijde gemiddelde temperatuur onder 2 °C houden en ernaar streven de stijging te beperken tot 1,5 °C. Verder moet er snel een eind komen aan het gebruik van fossiele brandstoffen, omdat dit een belangrijke oorzaak is van overmatige CO2 uitstoot.

Groene campus
Met het verder vergroenen van de VU campus in de komende periode wordt koolstofdioxide uit de atmosfeer vastgelegd in planten en bomen. Hiermee wordt het (versterkte) broeikaseffect teruggedrongen. Ook wordt door groen-blauwe daken op de universiteitsgebouwen de luchtkwaliteit verbeterd en wordt water langer vastgehouden in geval van extreme neerslag. ‘Groen’ werkt verkoelend waardoor hitttestress wordt tegengegaan. Biodiversiteitsverbeterende maatregelen maken eveneens een onderdeel uit van de vergroening.

Het Energie Masterplan 2035 zorgt ervoor dat de VU, voor het eigen gebruik van elektriciteit en warmte, in 2035 fossielvrij is. Daarmee voldoet de VU ruimschoots aan het in Parijs getekende klimaatakkoord en gaat ook verder dan de ambities van de gemeente Amsterdam. Ook wordt er gewerkt aan het zo veel als mogelijk terugdringen van andere broeikasgassen. Dit gebeurt door eisen te stellen bij de aanschaf van LCD-schermen, dubbel glas, PV-panelen, transformatoren, etc. Op dit moment worden dergelijke eisen in Nederland nog niet gesteld. Ook daarmee is de VU koploper. Aan Klimaattafels werkt de VU dit beleid verder uit, voor de VU en ook voor de bedrijven op de Zuidas.

Aanleg polderdak
De Zuidas is inmiddels grotendeels 'verhard' door de intensieve bebouwing, waardoor de riolering de afvoer van hemelwater bij heftige regenbuien niet altijd meer aankan. Waterberging op platte daken draagt bij het aan het bufferen van water tijdens deze buien. Op de daken van het Nieuwe Universiteitsgebouw en het Hoofdgebouw van de VU zijn polderdaken aangelegd om water te bufferen.

Living lab Hoofdgebouw VU
Op het dak van het Hoofdgebouw van de VU is in 2019 een blauw-groen dak aangelegd. Op het dak zijn lokale grassen en kruiden ingezaaid, kleine vijvers aangelegd voor vogels, en er is een wilde bijenkolonie gehuisvest. Het dak is niet toegankelijk voor publiek. Wetenschappers verbonden aan het Amsterdam Sustainability Institute gebruiken het polderdak ook voor onderwijs en onderzoek. Denk aan onderzoek naar verandering in luchttemperatuur, luchtvochtigheid, waterbalans, isolerende werking en fijnstof / luchtkwaliteit boven het groene dak; vegetatieontwikkeling over de tijd, etc. Deze nieuwe ontwikkeling om regenwater op te slaan en te gebruiken wordt ook onderzocht vanuit een historisch perspectief van regenwatergebruik in Amsterdam. Vroeger was dit veel gebruikelijker. Zo kan onderwijs en onderzoek bijdragen aan het vergroten van de kennis over groene daken. 

Het polderdak past bij de ambitie van de VU om bij te dragen aan de Sustainable Development Goals (specifiek SDG 11: Sustainable cities and communities) en  de wens om onderwijs en onderzoek nader bij elkaar te brengen op de VU Campus/Community Service Learning.

Duurzaamheidscertificaat voor ontwerp nieuw Onderzoeksgebouw VU
Het ontwerp van het Onderzoeksgebouw VU heeft het duurzaamheidscertificaat BREEAM-nieuwbouw ontvangen. Het gebouw behaalde de score excellent. Het wordt een bèta-medisch Labgebouw en is de volgende stap in de vernieuwing van de bètahuisvesting en onderzoekinfrastructuur. Het zal een breed scala aan faciliteiten en functies huisvesten voor onderwijs en onderzoek binnen het thema Human Health & Life Sciences. Door onder meer de bijzondere onderzoeksfaciliteiten was een excellent-certificering bij dit gebouw niet vanzelfsprekend. Denk aan elektromicroscopie en trillingvrije meetapparatuur in laserlaboratoria met constante temperatuur. Voor onder andere de laboratoria is extra klimaatbehandeling nodig. Veel daglicht, ionisatie van de lucht, pv-panelen, LED-verlichting, energiezuinige apparatuur en liften, aanwezigheidsdetectie en een WKO-installatie (warmte koude opslag), waterbesparend sanitair, goede mogelijkheden voor afvalscheiding, vleermuiskasten en een groen dak met bijenhotels dragen bij aan deze hoge score.

Rookvrije campus
Een deel van het VU campusterrein, het gebied rondom het 0|2 Labgebouw, ACTA en de Botanische tuin Zuidas werd samen met het terrein rondom Amsterdam UMC per 1 oktober 2019 rookvrij. Amsterdam UMC wil als zorginstellingsomgeving het goede voorbeeld geven en bij patiënten, medewerkers en bezoekers uitstralen dat roken grote gezondheidsrisico’s met zich meebrengt en dus niet past bij de waarden van het ziekenhuis. Per 31 mei 2020 is de hele VU Campus rookvrij. Hiermee realiseren we een nog prettigere en gezondere studeer- en werkomgeving, leveren we een bijdrage aan een Rookvrije Generatie en SDG’s van de United Nations 'gezondheid en welzijn voor iedereen, van jong tot oud'.

Afval: Cradle to Cradle en duurzamer meubilair
De VU heeft een nieuwe leverancier voor het meubilair voor kantoor-, onderwijs- en publieke omgevingen binnen alle gebouwen op de VU. Hiermee heeft de VU, naast een officiële Cradle-to-Cradle-company, ook de koploper in innovatieve, duurzame en circulaire ontwikkelingen- en processen in huis. De VU gaat in samenspraak met de leverancier van het meubilair 100% van ons oude meubilair hergebruiken!  De nieuwe meubelleverancier organiseert het ontwerp van en de omgang met kantoorinrichtingen zo dat producten, componenten en materialen blijvend inzetbaar zijn. Denk aan het recyclen van de stoffering of het staal van bureaustoelen, maar ook hergebruiken van meubels door bijvoorbeeld het ombouwen van handmatig zitbureau naar een elektrisch zit-sta bureau. Zij zijn 27 jaar geleden begonnen met het introduceren van de eerste volledig recyclebare bureaustoel. Andere duurzame initiatieven zijn gericht op zero-waste-to-landfill en de inzetbaarheid van mensen met een afstand tot de arbeidsmarkt. Daarnaast biedt Ahrend een verkoopkanaal voor gerevitaliseerde tweedehands producten om zo niks meer weg te hoeven gooien.

Duidelijke verantwoordelijkheden en aanspreekpunten

  • Ieder speerpunt uit de strategie kent een aansturing door een Collegelid, een directeur en meestal een decaan. Voor duurzaamheid zijn dat:
    - Marcel Nollen van het College van Bestuur en
    - Josja van der Veer, directeur Facilitaire Campus Organisatie
  • Ivar Maas is als programmamanager verantwoordelijk voor de implementatie van duurzaamheid ([email protected])
  • Voor het uitwerken van het VU-profileringsthema Science for Sustainability is Guus Schreiber, decaan der Bètawetenschappen, verantwoordelijk voor onderwijs en onderzoek. Pieter van Beukering is aanjager voor het duurzame onderwijs en Phillipp Pattberg vervult deze rol voor het onderzoek.
  • Binnen het Management Team FCO beheert Willem Verduyn de portefeuille duurzaamheid.
  • Voor bedrijfsvoering opereren intern het Programmateam Duurzaamheid en de Stuurgroep Duurzaamheid. Hierin worden activiteiten op duurzaamheidsgebied tussen VU diensten, afdelingen en Green Office VU, afgestemd.
  • De Green Office VU is aanspreekpunt voor studenten en medewerkers die actief willen bijdragen aan meer duurzaamheid bij de VU. Naast vijf betaalde student-assistenten, werken studenten en medewerkers als vrijwilliger mee aan de vele Green Office-projecten en campagnes.