Column Peter Beek in Sportgericht

Peter-Beek.jpgOp 2 en 3 november 2010 vond op Papendal een Nationaal Coach Platform over motorisch leren plaats. In een reeks artikelen zal ik de inhoud van mijn algemene inleiding op dit NCP aan het papier toevertrouwen. 

Nieuwe, praktische relevante inzichten in techniektraining.

Deel 1. Motorisch leren: uitgangspunten en overwegingen
Hierbij het eerste deel, waarin enkele algemene uitgangspunten en overwegingen met betrekking tot het thema motorisch leren worden gepresenteerd.

Deel 2. Motorisch leren: het belang van een externe focus van aandacht
Waarom moeten sporters hun aandacht richten tijdens het uitvoeren en leren van motorische taken? Moeten ze letten op de uitvoering van hun bewegingen of op de effecten daarvan in de omgeving? Of hangt dit af van de taak en het individu?

Deel 3. Motorisch leren: het belang van impliciete kennisopbouw
Wat voor instructies moeten coaches en trainers aan hun sporters geven? Moeten ze expliciete aanwijzingen geven over de wijze waarop bewegingen dienen te worden uitgevoerd? Of verdienen meer impliciete vormen van leren en instructie de voorkeur?

Deel 4. Motorisch leren: het belang van contextuele interferentie
Hoe belangrijk is variatie tijdens het oefenen voor het aanleren van motorische vaardigheden? Kunnen bewegingstechnieken het beste continu herhaald worden, zodat zij goed geautomatiseerd en ‘ingeslepen’ raken?

Deel 5. Motorisch leren: het belang van random variaties in de uitvoering
Moeten sporters altijd proberen je 'juiste', extern voorgeschreven bewegingstechniek zo dicht mogelijk te benaderen, zodat dit 'bewegingsideaal'steeds beter 'ingeslepen'raakt? Of doen ze er juist goed aan de uitvoeringswijze aanzienlijk te variëren, zodat het brein kan leren van verschillen en de en optimale bewegingstechniek zelf kan ontdekken?

Deel 6. Motorisch leren: snelle techniekcorrectie met Old Way New Way
Een sporter heeft na vele jaren training een incorrecte bewegingstechniek ontwikkeld die de prestatie beperkt. Hoe kan deze incorrencte techniek worden vervangen door een nieuwe, betere techniek, zonder dat de oude techniek zo nu en dan weer de kop opsteekt?

Deel 7. Motorisch leren: oefening in combinatie met slapen baart kunst
Een goede nachtrust is van belang voor het leveren van prestaties. Maar wat is de relatie tussen motorisch leren en slaap? Kan slaap motorische leerprocessen bevorderen, en daarmee de prestaties van sporters helpen verbeteren? En zo ja, hoe dan?

Deel 8. Motorisch leren: het belang van observeren en nadoen
Het nadoen van voorbeeldgedrag is een basale vorm van leren bij mensen en dier. Maar waarom eigenlijk? Wat zijn de cognitieve en neurale achtergronden? En hoe kunnen sporters, trainers en coaches hun voordeel doen met wetenschappelijke inzichten op dit gebied?

Deel 9. Motorisch leren: het belang van zelfsturing
Motorische leerprocessen kunnen plaatsvinden op geleide van een trainer of coach, maar kunnen ook door de sporter zelf worden vormgegeven. Hoe kunnen de (nog schaarse) onderzoeksresultaten op dit terrein verklaard worden? En welke lering valt hieruit te trekken voor de sportpraktijk?

Deel 10. Motorisch leren: individuele verschillen en leerstijlen (laatste deel)
Mensen bewegen verschillend, maar leren ze ook verschillend? Zo ja, wat zijn dan die verschillen en welke empirische evidentie bestaat daarvoor? Moeten trainers of coaches hun trainingsmethoden laten afhangen van de individuele sporter?