CWI VU-VUmc

De vaste commissie die klachten op het gebied van wetenschappelijke integriteit behandelt, is de Commissie Wetenschappelijke Integriteit VU-VUmc, kortweg de CWI. De CWI behandelt klachten en brengt na afloop van een onderzoek een adviesrapport uit aan het CvB. Het CvB neemt dan een besluit over de kwestie op grond van het adviesrapport van de CWI. Eventueel worden maatregelen getroffen.

De CWI is als volgt samengesteld: 

  • prof. dr. Jan Struiksma (RCH), voorzitter 
  • prof. dr. Jan van Mill (emeritus, voorheen hoogleraar FEW nu hoogleraar bij de UvA), lid
  • prof. dr. Guy Widdershoven (VUmc), lid
  • prof. dr. Paul Jansen (FEWEB), lid
  • prof. dr. Heleen Oudemans- van Straaten (VUmc), lid

Secretaris van de commissie is drs. Fieke Smitskamp (f.smitskamp@vu.nl, 020-59 85338, ma t/m do). De samenstelling van de CWI kan per zaak verschillen.

Ontvankelijkheid van de klacht

Wanneer een klacht bij de CWI is binnengekomen, ontvangen alle partijen een ontvangstbevestiging van de CWI. Voor de beklaagde partij is dit doorgaans de eerste berichtgeving over de klacht. Daarna gaat de CWI over tot een beoordeling van de ontvankelijkheid van de klacht. Er wordt dan gekeken of de klacht aan de formele vereisten van de regeling voldoet. Indien de klacht niet-ontvankelijk is, zal de CWI het CvB adviseren de klacht niet-ontvankelijk te verklaren. Betrokkenen ontvangen hierover bericht van het CvB.

Indien de klacht aan de formele vereisten van de regeling voldoet, is de klacht ontvankelijk en gaat de CWI over tot inhoudelijke bestudering. Partijen ontvangen hierover bericht binnen vier weken nadat zij over de ontvangst van de klacht zijn geïnformeerd.

Wanneer bij de inhoudelijke bestudering geconstateerd wordt dat de klacht zich richt op een publicatie of ander wetenschappelijk werk dat niet is verricht onder de academische verantwoordelijkheid van VU of VUmc, zal de CWI de klacht niet verder kunnen behandelen en zal zij het CvB adviseren de klacht ongegrond te verklaren. Er vindt dan dus geen verder onderzoek plaats, ook worden de partijen niet door de CWI gehoord.

Inhoudelijke behandeling van de klacht

Wanneer de klacht zich richt op werk dat wel onder de academische verantwoordelijkheid van VU of VUmc is verricht, zal de CWI overgaan tot het opvragen van  relevante documenten en zullen partijen worden uitgenodigd voor een hoorzitting. Het is mogelijk dat later in de procedure nog een tweede hoorzitting plaatsvindt. De partijen ontvangen de verslagen van elkaars hoorzittingen, nadat die door de gehoorde en de commissievoorzitter zijn ondertekend.

Na afronding van het onderzoek ontvangen de partijen het concept adviesrapport van de CWI met het verzoek dit concept te controleren op eventuele feitelijke onjuistheden. Hierna brengt de CWI haar definitieve adviesrapport uit aan het CvB. Partijen ontvangen dan bericht over het besluit van het CvB en de eventuele maatregelen met het definitieve CWI rapport als bijlage.