Recht en medische biotechnologie

 
Vakcode:
R_R.medBio
Periode:
Periode 5+6
Credits:
6.0
Voertaal:
Nederlands
Faculteit:
Faculteit der Rechtsgeleerdheid
Coördinator:
prof. dr. mr. D.W.J.M. Pessers
Examinator:
prof. dr. mr. D.W.J.M. Pessers
Docenten:
prof. dr. mr. D.W.J.M. Pessers
Lesmethode(n):
Hoorcollege
Niveau:
300

Doel vak

N.B.: DIT IS DE STUDIEGIDSTEKST VAN HET COLLEGEJAAR 2013-2014.
ONDERDELEN VAN DE ONDERSTAANDE TEKSTEN KUNNEN GEWIJZIGD OF VEROUDERD
ZIJN.

Van de studenten wordt verwacht dat zij een maatschappelijk vraagstuk -
i.c. de nieuwe ontwikkelingen op het terrein van de medische
biotechnologie - vanuit een kritisch, metajuridisch en
positiefrechtelijk perspectief kunnen benaderen. Dat wil zeggen:
concrete vraagstukken van de medische biotechnologie analyseren aan de
hand van rechtsbeginselen, rechtsliteratuur, wetgeving, jurisprudentie,
en rechtsvergelijking. De studenten worden geacht zelfstandig hun weg te
vinden in deze juridische bronnen en in woord (presentatie) en geschrift
(essay) verslag te doen van hun onderzoek.

Inhoud vak

Het leerdoel van dit honoursvak is om studenten kennis te laten maken
met het verrichten van wetenschappelijk onderzoek. Gekozen is voor een
nieuw rechtsgebied dat nog in de beginfase van wetenschappelijke
bewerking verkeert, maar ongetwijfeld in de loop van deze eeuw steeds
verder aan belang zal winnen. Onder invloed van ontwikkelingen in de
medische biotechnologie wordt dat wat eens science fiction was
werkelijkheid. Het leven kan kunstmatig worden verwekt, het kan worden
gemanipuleerd, genetisch gescreend en steeds verder worden verlengd.
Organen, weefsels, bloed en eicellen hebben inmiddels commerciële waarde
verkregen. Via internet is een omvangrijke internationale handel in
menselijk lichaamsmateriaal ontstaan.
Hoe onaantastbaar is het lichaam nog? Dreigt het lichaam – in strijd met
diepgewortelde rechtsovertuigingen – een zaak te worden? Hoe ver strekt
de zelfbeschikking ten aanzien van het lichaam? Verzet de menselijke
waardigheid zich tegen commerciële exploitatie van lichaamsdelen?
De medische biotechnologie confronteert ons met principiële vragen
inzake de status van het lichaam en de persoon op het terrein van de
mensen- en grondrechten, het personen- en familierecht, het
vermogensrecht, het gezondheidsrecht, het bestuursrecht en het
strafrecht.
Hoe moeten juristen deze biotechnologische ontwikkelingen duiden en
reguleren? Hoe krijg je een juist inzicht in de aard, de gevolgen en de
risico’s van de medische biotechnologie? Welk rechtsfilosofisch
mensbeeld moet behouden blijven of juist worden veranderd? Welke
belangen moeten wel of niet worden gehonoreerd? Het
rechtswetenschappelijk debat over deze kwesties vergt een voor juristen
ongebruikelijke verbeeldingskracht.
Van de honoursstudenten wordt juist dat laatste gevraagd. Zij worden
uitgenodigd – als waren zij de toekomstige wetgevers op dit terrein -
mee te denken over de morele en juridische dimensies van de medische
biotechnologie en over de rechtsbeginselen die relevant zouden kunnen
zijn voor de regulering ervan. De studenten zouden hun eerste inspiratie
kunnen vinden in de omvangrijke romanliteratuur, science fiction, films
en beeldende kunsten die de nieuwe technologische, posthumane mens tot
onderwerp hebben.

De studenten lezen zich aan de hand van de verplichte literatuur zo snel
mogelijk in de praktische en rechtsfilosofische aspecten van het
probleemveld in. Vervolgens kiezen zij – geheel vrij en bij voorkeur
geïnspireerd door niet-juridische bronnen - een onderwerp op het
terrein van de medische biotechnologie. Over dat onderwerp schrijven zij
een essay van 10 à 15 bladzijden, dat twee weken na de laatste werkgroep
moet worden ingeleverd, en waarin ook de verplichte literatuur adequaat
is verwerkt. Tijdens de werkgroepen brengen de studenten verslag uit
over de stand van hun onderzoek door middel van een presentatie.

Onderwijsvorm

Werkcolleges waarin studenten een tussentijds verslag moeten presenteren
van de stand van hun onderzoek.

Maximaal 10 studenten kunnen deelnemen aan het vak. Deelname aan de
werkcolleges is verplicht.

Toetsvorm

Het vak wordt getoetst aan de hand van de volgende onderdelen:

- Presentatie(s).
- Essay.

Literatuur

Verplichte literatuur:
- Britta van Beers, De humaniteit van humane biotechnologie. Juridische
perspectieven op menselijke waardigheid en medische biotechnologie. In:
Humane biotechnologie en recht. Praeadviezen voor de Nederlandse
Juristen-Vereniging. (NJV) Handelingen van de NJV, 2009- 1, 139e
jaargang, pp.97-145.
- Tsjalling Swierstra e.a. (red.), Leven als bouwpakket. Ethisch
verkennen van een nieuwe technologische golf. Den Haag: Rathenau
Instituut, 2009.
- Geesink, Ch. Steegers, Nier te koop- baarmoeder te huur. Wereldwijde
handel in lichaamsmateriaal. Den Haag: Rathenau Instituut, 2001.
Michael Sandel, Pleidooi tegen volmaaktheid. Een ethiek voor
gentechnologie. Uitg. ten Have, 2012.

© Copyright Vrije Universiteit Amsterdam
asnDCcreatorasvVUAmsterdam asnDCdateasv2015 asnstudyguideasvmodule asnDCidentifierasv50054181 asnDCtitleasvRechtenmedischebiotechnologie asnperiodasv150 asnperiodasv asncreditsasv6p0 asnvoertaalasvN asnfacultyasv50000031 asnDCcoverageasvprofdrmrDWJMPessers