Onze samenleving staat de komende decennia voor grote en steeds complexer wordende uitdagingen. Dit vraagt om ruimdenkende professionals die niet alleen sterk zijn in onderzoeksmatig en doelmatig werken, maar ook hun verbeeldingskracht aan kunnen spreken (dr. Jeroen Lutters, ontwikkelaar van de Art Based Learning-methodiek).
Hoe kunnen we studenten stimuleren om buiten de gebaande paden naar benaderingen voor het oplossen van problemen te zoeken? En hoe kunnen we hen stimuleren om zich hierbij in anderen in te leven? Jessy la Faille, onderwijsexpert bij het CTL, vertelt in dit interview hoe Art Based Learning hierbij kan helpen en de leerervaringen van zowel studenten als docenten kan verrijken.
Out of the box denken met behulp van kunst
'We hebben haast; laten we de tijd nemen.'
Waar ik ook ben en aan wie ik ook lesgeef, met die uitspraak van Ruth Cohn start ik al mijn onderwijsactiviteiten. Echt leren is namelijk een lang en diepgaand proces. Art Based Learning is daar een typisch voorbeeld van; het is een reflectieve methodiek waarbij je je de ruimte neemt om tot nieuwe inzichten te komen. Wat je er in essentie van leert is om niet in een rechte lijn te lopen op zoek naar een antwoord of oplossing, maar juist omwegen te nemen; buiten de geijkte paden. Het leert je out of the box te denken. Dit doe je met behulp van kunst.
Jeroen Lutters, grondlegger van de methodiek, zag dat kunst mooie ingangen biedt om 21st Century Skills te trainen: samenwerken, communiceren, kritisch denken en creativiteit. Vaardigheden die ook, of zelfs juist voor studenten aan een universiteit zo belangrijk te zijn om zich niet alleen academisch, maar ook persoonlijk te ontwikkelen. Hier komt ruimte voor wanneer hun creativiteit wordt aangesproken, of dit nu tijdens het onderzoeken is of in de samenwerking met anderen."
Art Based Learning in de praktijk: met een betekenisvolle vraag op de achtergrond
“Bij Art Based learning leer je van kunst. Een ABL-sessie start altijd vanuit een persoonlijke vraag. Die kan over van alles gaan, zolang het maar actueel is en voor jou betekenisvol. Hoe wezenlijker de vraag, des te meer je uit de sessie zult halen. Denk bijv. aan: ‘Hoe kan ik als individu in balans blijven in een wereld die zo aan het veranderen is?’ Of: ‘Wat wil ik bijdragen door deze opleiding te volgen?’ Vanuit zo’n vraag start je door deze op te schrijven. Je hoeft hem verder met niemand te delen. Ook laat je de vraag in eerste instantie naar de achtergrond verdwijnen.
Vervolgens bezoek je met een groep een museum waar je rondzwerft en rondkijkt, tot je het gevoel hebt dat een schilderij of ander kunstwerk je ‘tot zich roept’. Dit klinkt wat zweverig, maar het geeft je de tijd om kunst in je op te nemen en met een kunstwerk aan de slag te gaan dat jou fascineert of aantrekt.
Als je hebt gekozen hebt ga je onderzoeksmatig te werk: je omschrijft empirisch wat je ziet: de lijst, kleuren, texturen, gebruik van licht en vorm. Je maakt tevens foto’s en/of tekeningen. Je neemt hiervoor de tijd; liefst een half uur. Daarna stap je in de wereld van het kunstwerk en laat je je verbeelding de vrije loop, alsof je zelf in het kunstwerk rondloopt. Wat hoor je? Zie je? Ruik je? Welke associaties roept dit bij je op? Het kunstwerk vertelt je een verhaal. In deze fase beschrijf je associatief wat er bij je opkomt. Pas wanneer je je volledig hebt ondergedompeld stap je uit de dialoog van het schilderij en ga je terug naar de vraag die je voor je museumbezoek hebt opgeschreven. Hoe staat deze in relatie tot de ervaring met het kunstwerk?
Als laatste stap zoek je een maatje op (bijv. een vriendin, vriend of collega) om ervaringen te delen. Je luistert aandachtig naar elkaar en stelt veel vragen, wat helpt om in de ander in te leven en van elkaars ervaringen te leren."
(lees hieronder verder)